Hanneke van Veen

Archief beheerder

Bij toeval ontdekten Rob en ik op TV-West een prachtig filmpje over Smetterhage in Zoeterwoude, woonplek voor 320 mensen met een verstandelijke/lichamelijke beperking. Het filmpje raakte ons zo dat we besloten er een kijkje te nemen. Na een  wandeling langs een flink aantal gebouwen werden we vriendelijk ontvangen door de medewerkster die zich speciaal met dit project bezighoudt. In een grote lichte ruimte waar koffie en thee werden geserveerd zagen we bewoners druk bezig met lichte werkzaamheden, anderen tekenden of puzzelden. Na uitleg over de manier van werken in Smetterhage gingen we naar een ruimte waar een maquette  te zien was. Want daar was het om te doen: een dagbestedingsgebouw, ontworpen door de beroemde Oostenrijkse kunstenaar Friedensreich Hundertwasser.

Ter vervanging van een sterk verouderd gebouw is men van plan om een dagbestedingscentrum te bouwen dat er heel bijzonder uitziet, naar een origineel ontwerp van Hundertwasser, uitgewerkt door een Nederlandse architect.  Hundertwasser stelde nogal aparte eisen aan zijn ontwerpen die op diverse plekken in Europa te bewonderen zijn. Geen stijve stapels verdiepingen en saaie kleuren, maar vrolijke,  wonderlijk gevormde gevels en ruimten. De maquette laat dat zien: een sprookjesachtig gebouw met veel groen aan de buitenkant en op het dak: bomen, struiken en planten ter compensatie voor de kaalslag die nodig is voor de bouw.

Een project als dit is een prachtige aanwinst voor de bewoners, zoals in de film duidelijk te zien is. Maar ook bezoekers en personeel kunnen er in de toekomst ruimschoots van genieten.
Zoiets kost natuurlijk meer dan het bouwbudget (van acht miljoen euro) toelaat. Om er dit fraaie gebouw van te maken is twee miljoen extra nodig. Men is al een tijd druk bezig met allerlei acties en sponsoring om dat bedrag bij elkaar te brengen. Meer dan de helft is er al, maar er is nog ongeveer acht ton nodig om te kunnen starten met bouwen, hopelijk in 2020.

Wij besloten om lid te worden van de Club van 1.000 met inmiddels al meer dan 100 leden. Door duizend euro te sponsoren (aftrekbaar) help je dit project realiseren en profiteer je mee van allerlei voordelen van het lidmaatschap.
Maak het verschil en bouw mee!
Uitgebreide informatie (en een nieuwsbrief) is te vinden op: hartvoorhundertwasser.nl en op de Facebookpagina.
Voor meer informatie over sponsoring kan ook contact worden opgenomen met Sandra Larsen: sandra.larsen@gemiva-svg.nl of 06 15 53 02 66

Zaterdag 13 april 2019 verscheen een groot artikel over Rob, mij en de Vrekkenkrant in de NRC. Heel spannend natuurlijk. De tekst hadden we ruim van tevoren kunnen lezen en hier en daar aangepast, maar hoe het artikel, de kop(jes) en de foto’s eruit zouden zien wisten we niet. Na aanschaf bladerden we de krant snel door en zagen de lange tekst met een foto … die niet bepaald in de smaak viel. Sterker nog: ik vond hem ronduit lelijk. 

Lees de rest van dit artikel »

Geachte mw. Carola Schouten, minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Tot mijn grote schrik las ik onlangs in de NRC dat uw voorganger Henk Bleker zo’n zeven jaar geleden bosbeheerders in Nederland toestemming heeft gegeven bospercelen geheel kaal te kappen, de bosbodem te bewerken en nieuw bos te laten ontkiemen. De hr Bleker meende, in zijn functie van staatssecretaris van Economische zaken, Landbouw en Innovatie, dat daar veel geld mee verdiend kon worden.

Roofbouw
De schrijvers van dit artikel (Rudy Rabbinge & Jaap Kuper) noemen deze opvatting een verouderde gedragscode waarmee het bos wordt vernield. Bomen, takken, tophout en jonge boompjes worden afgevoerd (om af leveren aan biomassacentrales?) . Het bos is in hun opvatting vogelvrij.

Dreun
Toen ik dit artikel las leek het wel of ik een klap in mijn gezicht kreeg. M’n hele volwassen leven heb ik mijn best gedaan om de aanplant van bos te ondersteunen en nu lees ik deze berichten. Schandelijk, triest en dom zijn de woorden die in me opkwamen.

Doneren voor bos
Op ons huwelijksfeest, dertig jaar geleden hebben we een inzameling gehouden onder familie en vrienden om samen met het Zuid-Hollands Landschap een bos aan te planten dat nu bekend staat als het Nessebos. Op verjaardagen vroeg ik om geld voor bomen, ik organiseerde rommelmarkten voor bomen, waarvan de opbrengsten gingen naar Trees for All, Parkbos De Haar, Bomen voor Koeien enz.

Kater
Maar nu ik gelezen heb welke verkeerde kant het opgaat met de bossen en er – zoals in bovengenoemd artikel – gesproken wordt over grootschalige bosvernietiging, roofbouw en nonchalant rondspringen met bos, begin ik sterk te twijfelen of het nog enige zin heeft om geld te  doneren voor de aanplant van bomen.

Klimaatopwarming
Overal kunnen we lezen dat er van alles moet gebeuren om de klimaatopwarming tegen te gaan, om C02 terug te dringen en dat we daarbij bomen nodig hebben. En wat doen we en wat laten we gebeuren in Nederland? We kappen bomen om daarmee geld te verdienen.

Hoe lang duurt het om dit weer enigszins recht te zetten? 
Ik hoop van harte dat u, mevrouw Schouten zich voor 100% gaat inzetten om deze volkomen verkeerde gedragscode zo snel mogelijk af te schaffen.

Tante Klazien is al jaren dood, maar tijdens onze maaltijden is ze soms min of meer aanwezig. Dat gebeurt op het moment dat ik nog zit te eten en Rob al vast deksels op potjes draait, de kaasdoos dicht doet en overgebleven boterhammen op een stapeltje legt. Dan kan ik het niet laten om te zeggen dat hij tante Klazien weer eens nadoet, want zijn oude tante stond erom bekend heel ongeduldig te zijn. Ze kon niet wachten tot iedereen de laatste hap naar binnen gewerkt had. Nee, ze begon voortijding met afruimen. En dit gedrag wordt nu geregeld door neefje Robbie herhaald, onder het mom van: als tante Klazien het mag, dan mag ik het ook.

Tante Klazien is overigens niet de enige uit de familie Van Eeden die ongevraagd bij ons komt aanschuiven. Zijn moeder (ook al overleden) is vaak van de partij, vooral bij het natafelen. Als er nog wat overblijfselen in de schalen liggen, dan zoeken Robs wijsvinger en duim hun weg naar achtergebleven stukjes, met zo’n lekker korstje, of andere aantrekkelijke restjes. Dat vindt hij volkomen normaal, want dat heeft hij van huis uit meegekregen.

Zelf ben ik opgevoed met de regel NOOIT iets met je hand uit de schalen of pannen te halen als ze nog op tafel staan. Nu heb ik wel een keurige opvoeding van mijn moeder gehad, maar mijn vader was de grote spelbreker. Die kon slurpen, met zijn handen eten en ze daarna afvegen aan het tafelkleed. Het allerergste was dat hij stukjes vlees tijdens de maaltijd onder de tafel op de grond gooide, niet omdat hij het niet lustte, maar bestemde voor de poes, die al een tijdje zat te wachten. Mijn moeder riep dan vertwijfeld: “Houd daar nu eens mee op Lydius, de vloerbedekking zit vol vlekken door dat gedoe. Bah, je moet het goede voorbeeld geven!” “Een poes is ook maar een mens!” zei hij dan.

Mijn vader en moeder komen zelden tijdens de maaltijden op bezoek, maar wel als er vis wordt gegeten. Dat kregen we thuis nooit, omdat mijn moeder dat ronduit vies vond. Mijn vader hield juist van vis. Daar was een oplossing voor bedacht. Hij kon overdag, als mijn moeder als schooljuffrouw les gaf, in zijn eigen vispannetje paling of iets anders klaarmaken en daar rustig in z’n eentje van smullen.

Tot slot komt mijn broertje soms mee-eten. Als klein jongetje leerde hij net als z’n drie zusjes bidden. We gebruikten geregeld de sterk verkorte versie van het ‘onze vader’. Bij ons was het: Here, zegen deze spijze, amen.’ Mijn broertje Henkie, zei dan:  Here, spijker, hamer. Dat leverde wel wat onderdrukt gegiechel op, maar we lieten hem zijn gang gaan. Als ik ergens ben waar gebeden wordt voor het eten, dan doe ik niet actief mee. Ik houd mijn ogen open en denk aan iets anders. Dan komt heel vaak mijn broertjes tekst weer in de herinnering terug.

Rob en ik aten laatst een eitje bij de lunch en genoten ervan, want sinds we (bijna een jaar geleden) vegetariër werden is de keuze voor broodbeleg wat teruggelopen. Het gesprek gaat – vanwege die eitjes – over veganisme, geen melk drinken en over haantjes die nadat ze uit het ei zijn gekropen blijkbaar niet welkom zijn op deze wereld. Nee, ze worden gehakt, vergast of verdronken, lees ik later op internet. Ik krijg daar een vieze smaak van in mijn mond en schrik nog eens extra van het feit dat  wereldwijd per jaar wel 3,2 miljard haantjes zo om zeep worden gebracht. 

Stinkende kippenfarm
Dat doet me denken aan vrienden die jarenlang in de stank van een kippenfarm hebben gewoond. Toen ze hun huis daar in het noorden kochten was die farm nog vrij klein, maar inmiddels flink uitgebreid met enorme stankoverlast tot gevolg. Daardoor was het bijna onmogelijk om te verhuizen. Want wie wil er nu een huis kopen dat weliswaar prachtig verbouwd is en omringd door een enorme tuin, maar waar je – bij bepaalde windrichting – je neus moest dichtknijpen of gedwongen was het pand te verlaten. Uiteindelijk hebben ze toch kunnen verkopen, maar voor een relatief laag bedrag.

Leuke huisdieren
Zelf hadden we vroeger – toen de kinderen klein waren – een paar krielkippen en een haantje. Een leuk soort met verschillende kleuren. In de winter mochten ze in de tuin loslopen. In de zomer zaten ze in een mooi getimmerd kippenhok met ren. Ze legden eieren die goed verstopt waren onder de meest broedse kip. Wij vonden het leuk en spannend en de kinderen waren zeer geïnteresseerd. Na een poosje kwamen er vier kuikentjes te voorschijn die direct achter hun moeder aanliepen. Tot onze schrik keek ze niet meer om naar eitje nummer vijf. In een doos met lapjes en een warme kruik kwam ook dit kuikentje uit het ei. Heel bijzonder om dat allemaal zo van dichtbij te zien. Terwijl het ei nog dicht was hoorden we niet alleen getik maar ook al een zacht getok.

We waren er blij mee, tot het moment dat we ontdekten dat het alle vijf haantjes waren die het gekraai van vader haan probeerden na te doen. Eerst vrij zacht, maar na een tijdje steeds luidruchtiger. Ze veroorzaakten vroeg in morgen veel overlast voor de buren en ons. Wat te doen? We wisten het niet en vroegen of de slager/poelier ons misschien kon helpen. Hij wilde de haantjes wel slachten en plukken voor 10 gulden per stuk. Dat vonden we echt te duur.

Uiteindelijk besloot Rob het probleem zelf op te lossen. In het ons toenmalige lijfboek Leven van het land stond precies wat je  moest doen. We wachtten tot de kinderen bij hun andere ouders waren. Eigenhandig bracht Rob het vijftal om. Maar toen de kinderen thuis kwamen en hoorden waar de haantjes waren gebleven kregen we er van langs. “Jullie zijn moordenaars, gemeen, dierenbeulen”.
Na een paar dagen, toen de storm wat geluwd was, stond er een pan met gebraden haantjes op tafel. Daar hebben we nauwelijks van gegeten, zo taai als ze waren. De kinderen aten er sowieso niet van, maar ook voor mij was het hele gebeuren genoeg om die pan kokhalzend van me af te schuiven.

Niet meer …
Daarna  hebben we voorkomen dat er levende wezentjes uit de eitjes kwamen en aten we ze met veel genoegen.
Kippen en haan zijn bij een verhuizing cadeau gedaan aan een vriend die er nog jaren plezier van heeft gehad.

Sinds kort meten we de hoeveelheid kooldioxide (CO2) in onze huiskamer met een Netatmo-weerstation en een app op de mobiele telefoon. Op het moment dat ik deze tekst tik lees ik het getal 1.265 ppm (= parts per million). Hoe erg dat is? Gezonde frisse lucht bevat 300-400 ppm. Binnen is het CO2-niveau bijna altijd hoger. Daarom gaan mensen naar buiten om een frisse neus te halen. Als aanvaardbare grens voor binnenshuis en op bedrijven wordt 1.250 ppm gehanteerd. Daarboven krijg je een bedompt, benauwd gevoel. Ventileren is dan aan te raden. Meer hierover op: https://www.klimaatbeheer.eu/blog_type/co2/.

Ik heb snel de deur opengezet. Binnen een half uurtje is het niveau gedaald tot 1.000. Als de concentratie CO2 boven de 1.250 komt is het nog niet echt ongezond, maar wel onaangenaam. Stijgt het CO2 naar meer dan 3.000 dan is er wel gevaar voor de gezondheid. Boven de 5.000 heeft het zelfs heel ernstige gevolgen.
De metingen die we doen zijn mogelijk omdat we meedoen aan een onderzoek van de TU Delft. Zij hebben aan circa 100 gezinnen in Den Haag weerstations uitgereikt voor buiten (bijvoorbeeld op een balkon) en binnen in een huiskamer. Naast de meting van C02 (alleen binnen) gaat het buiten ook over de temperatuur, de luchtdruk, het dauwpunt en de luchtvochtigheid. Heel interessant allemaal, maar mij boeit vooral de CO2, want daar kan ik zelf iets aan doen.

Ik heb nu spijt dat ik op eerste Kerstdag niet op deze app heb gekeken, want op die dag zaten we met elf personen aan een lange eettafel van heerlijke gerechten te genieten. Elf mensen die warmte (en CO2) verspreiden, dampende schalen met eten, de verwarming op 19 graden en nee, geen kaarsen aan, want daar krijg ik altijd hoofdpijn van.Ik vertel dit, omdat ik wil waarschuwen voor situaties die binnenshuis kunnen ontstaan die slecht zijn voor de gezondheid. Dus ook zonder meetinstrumenten kan je opletten dat het niet te warm wordt en benauwd en dat tijdig luchten heel belangrijk is.

Ook de moeite waard om in de gaten te houden voor het binnenklimaat is fijnstof. TNO-onderzoeker Piet Jacobs deed onderzoek naar het blootstaan aan fijnstof in de eigen keuken. Het meeste fijnstof komt vrij bij het braden van vlees en wokken van groente en het kan wel zes uur blijven hangen als je geen goede afzuigkap hebt. Het is nog niet precies bekend hoe slecht het precies is voor de gezondheid, maar goed ventileren en een raam of keukendeur open zetten kan geen kwaad.

Op 4 april 2018 gebeurt er iets heel vreemds in het bushokje waar mijn man en ik staan te wachten en napraten over het geslaagde optreden van Lebbis in Diligentia. Na een korte stilte zegt Rob opeens: “Ik word vegetariër.” Nu weet ik heel goed wat dat betekent, want als twaalfjarige besloot ik dat ook en heb het een aantal jaren volgehouden. Maar dat mijn man, die gek is op ongeveer alles wat van de slager komt, dat serieus meent kan ik echt niet geloven.

Hoezo vegetariër? Je maakt zeker een grapje, zeg ik. Maar nee hoor, hij meent het echt en legt uit dat het komt door Lebbis, die hem met zijn persoonlijke verhaal over vlees eten, dieren mishandelen en doden en het klimaat zo geraakt heeft dat hij nu definitief een punt zet achter het carnivoor zijn. Ik sta perplex. Wie had dat ooit gedacht. De bus komt er aan we stappen in. Vegetariër, hoe is het mogelijk? Ik denk aan andere boodschappen doen en ander eten koken en opeens hoor ik mezelf zeggen: OK, dan word ik het ook. Dan doen we het samen. Dat is goed om niet langer dieren te (laten) doden en het is prima voor het klimaat.

Nu is het een half jaar later en we eten wel eieren, kaas, melkproducten, vleesvervangers en speciale pillen voor vegetariërs, maar geen vlees meer. Het bevalt prima, al hebben we vrij snel besloten af en toe wel vis e.d. te blijven eten. Dan is de stap niet zo groot.
Wel deed zich een ‘probleem’ voor toen we voor een paar dagen naar Frankrijk vertrokken. Daar wonen mijn schoonzus en zwager. Zij staan bekend om de verrukkelijke Franse gerechten die voor een groot deel uit (vooral) vlees bestaan. Hoe lossen we dat op? Dat is niet zo eenvoudig. We praten erover en komen niet verder. Bij Rob loopt het water al in de mond als hij aan die maaltijden denkt. En zijn zus ‘opzadelen’ met ons vegetarisme zou de vakantiepret flink bederven, daar is hij zeker van.

Om onze nieuwe levensstijl zomaar overboord te gooien voelt voor beiden ook nogal slap. We piekeren nog een poosje verder en dan krijg ik een lumineus idee. Weet je wat, we zijn gewoon vegetariër in Nederland en … dus niet in het buitenland. Zodra we weer de grens naar Nederland overgaan op de terugweg dan is het weer over. En zo is het gegaan. Direct over de Franse grens begon voor mijn geliefde het feest. Maar mij kon het vleeseten niet meer boeien. Vissoorten, zoals zeeslakken en oesters die In Frankrijk werden aangeboden vonden echt geen weg naar mijn maag. Het bleef bij twee eenvoudige tongetjes.


Hanneke van Veen